Indonesië, Recepten
Leave a comment

Chocola maken op Sulawesi

Vorige maand is toch wel een beetje een kinderdroom uitgekomen. Met cacaobonen uit de tuin van de familie van Natsir, waar we die maand verbleven, hebben we zelf chocola gemaakt. Dat is nogal wat voor iemand die al haar hele leven zoete donkerbruine repen van alle merken en smaken naar binnen werkt. Op reis is chocola ook een van de dingen die ik als eerst mis – en dan bedoel ik goede chocola, dus geen brokkelige bruine koekjes die nergens naar smaken (maar die je wel overal vindt). Hoe fijn is het dan om, op een moment dat je snakt naar een beetje chocola, gewoon zelf een voorraadje aan te maken? Hieronder heb ik ‘the making of’ beschreven, met fotos uiteraard.

1: Pluk de cacaovruchten.

Uiteraard begint het bij de cacaovrucht aan de boom. Natsir had tientallen cacaobomen waaraan langwerpige vruchten groeiden, groene onrijpe exemplaren en gele en rode vruchten. Helaas was de oogst dit jaar mislukt omdat het 7 maanden niet geregend had, en waren de meeste vruchten gaan rotten, ook al zagen ze er van buiten goed uit.

De cacaobomen, die voor heerlijke schaduw zorgt.

De cacaobomen, die trouwens voor heerlijke schaduw zorgen.

De cacaovrucht

De cacaovrucht

2: Fermenteer de bonen.

Vervolgens worden de bonen in een zak gestopt, zodat ze kunnen fermenteren. Hierdoor wordt de smaak veel minder bitter. Deze stap hebben we niet kunnen zien, omdat de oogst zoals hierboven beschreven mislukt was, dus we begonnen bij stap 3, met bonen die Natsir nog had van enkele maanden geleden. Sorry, geen foto hier. 🙁

3: Droog de bonen.

Na het fermenteren worden de bonen gedroogd. Na een paar dagen, soms wel een week in de brandende zon zijn ze klaar om geroosterd te worden.

Gedroogde cacaobonen

Gedroogde cacaobonen

4: Rooster de bonen.

De gedroogde bonen worden in een grote wokpan geroosterd. Tien minuten lang moeten ze op het vuur staan en steeds door elkaar gehusseld worden, en al snel ruik je de bitterzoete geur van de cacao. Na een tijdje, wanneer je een hoop geknetter hoort (net als bij popcorn) kun je de bonen van het vuur halen.

Ik rooster de bonen

Ik rooster de bonen

5: Pel de bonen.

Vervolgens worden de bonen gepeld, wat door het roosteren best makkelijk gaat. De buitenste schil gaat eraf, en binnenin zit een kleinere… boon (hoe vaker ik het woord boon schrijf, hoe raarder het klinkt. Maar dat is met alle woorden zo). Dit kun je al eten, maar het is nogal bitter.

Boon uit de schil

Boon uit de schil

6: Stamp de bonen fijn.

Tot slot worden de bonen fijngestampt in een vijzel. Nu krijg je de cacao zoals je die ook in winkels kunt kopen. Grappig genoeg wordt het vanzelf pureeachtig en papperig wanneer je lang genoeg stampt, omdat er olieën vrijkomen vanuit de cacao zelf. Nu kun je van alles toevoegen aan de smaak. Natsir deed er een flink blok geraspte palmsuiker bij (iets dat sowieso aan te raden is, want anders is het te bitter), en ook gember en pinda’s. Je kunt zelf bedenken wat je erbij gooit: chilipepers, caramel, zeezout, doe gek.

Het stampen is zwaarder dan het lijkt...

Het stampen is zwaarder dan het lijkt…

Natsir schaaft de palmsuiker

Natsir schaaft de palmsuiker

7: Vorm de chocolaatjes

En dan de laatste stap! Van de cacaomassa kun je bolletjes rollen (of welke vorm dan ook), of je kunt ze in een mal doen (zoals wij lege bamboehulzen gebruikten op de boerderij). Even in de koelkast doen zodat ze hard worden, en ze zijn beter dan de beste Belgische bonbons. 100% cacao, dus na zo’n smaakexplosie hoef je de rest van de dag geen chocola meer, maar de smaak is zo puur en goed dat je nooit meer iets anders wil.

En hoppeta! Chocola!

En hoppeta! Chocola!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *